Cycli
In het veld krassen drie kraaien
ze ijsdansen over een gerijmd grasveld,
draaien pirouettes van steenkool
In het veld krassen drie kraaien
ze ijsdansen over een gerijmd grasveld,
draaien pirouettes van steenkool
Onder een donker deken vol gaten
aan de rand van een zee
wacht ik in mul zand
rillend,
op een schuit,
vol vreemden,
berooid van al wat broos en dierbaar –
al wat mijn.
Je kan alles, werkelijk alles betreuren
alsof de wereld iets verschuldigd is
aan ons, de happy few
wij, die daglicht zagen.